Eiseres heeft op 21 december 2022 een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis bij een referent. Verweerder heeft niet tijdig een besluit genomen, ondanks een geldige ingebrekestelling op 5 juli 2023. Eiseres stelde daarop beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is omdat verweerder de beslistermijn van 90 dagen, met een verlenging van drie maanden, heeft overschreden. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend en geen bijzondere omstandigheden aangevoerd.
De rechtbank bepaalt dat verweerder binnen acht weken na bekendmaking van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag tot een maximum van €7.500,- opgelegd voor elke dag dat de beslissing uitblijft. De reeds verbeurde dwangsom wordt vastgesteld op €1.442,-. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiseres ter hoogte van €418,50.