Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 december 2023 in de zaak tussen
[eiser], wonende te [woonplaats], eiser(gemachtigde: G. Gieben),
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- dat door het gebruik van slechts twee vergelijkingsobjecten niet is voldaan aan de waarderingsinstructie;
- dat niet inzichtelijk is gemaakt hoe de onderlinge verschillen tussen de woning en de vergelijkingsobjecten gecorrigeerd zijn;
- dat geen inzicht is gegeven in de waarden van alle objectonderdelen;
- dat onvoldoende rekening is gehouden met het effect van afnemend grensnut;
- dat onvoldoende rekening is gehouden met de omstandigheid dat de woning een gemeentelijk monument is;
- dat onvoldoende rekening is gehouden met de matige isolatie van de woning;
- dat onvoldoende rekening is gehouden met de gedateerde keuken van de woning; en
- dat met betrekking tot de ligging onvoldoende rekening is gehouden met de omstandigheden dat de woning niet over een oprit beschikt en niet met de auto bereikbaar is.
- dat de gehanteerde vergelijkingsobjecten onvoldoende vergelijkbaar en overtuigend zijn;
- dat de woning erg gedateerd en matig tot slecht onderhouden is;
- dat alle secundaire objectkenmerken als ‘matig’ gekwalificeerd moeten worden; en
- dat verweerder de toezendverplichting heeft geschonden.
- inzicht in de manier waarop en de percentages waarmee gecorrigeerd wordt bij afwijking van een gemiddelde KOUDV- en liggingswaardering;
- een controleerbare onderbouwing van de primaire grondprijs per m² van de gehanteerde grondstaffel(s);
- inzicht in (de onderbouwing van) het gebruikte indexeringspercentage (zowel voor als na de geldende waardepeildatum); en
- inzicht in (de onderbouwing van) de waardering van de bijgebouwen.