Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 20 december 2023 in de zaak tussen
het college van burgemeester en wethouders van Leiden, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
. [8]
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van omwonenden tegen de omgevingsvergunning verleend op 9 februari 2022 voor de aanleg van een verbindingsweg met verkeersbrug tussen Leiden en Oegstgeest, inclusief fietstunnel en het kappen van bomen.
Eisers voerden onder meer aan dat de vergunning onrechtmatig was vanwege onvoldoende onderzoek naar lichthinder van koplampen, schending van de Wet natuurbescherming, onvolledige vergunningverlening voor samenhangende activiteiten en het ontbreken van bescherming van archeologische waarden. De rechtbank oordeelde dat de vergunning terecht was verleend, dat de onderzoeken naar lichthinder en ecologische effecten zorgvuldig waren uitgevoerd en dat het relativiteitsvereiste in de Awb bepaalde dat niet alle betogen ontvankelijk waren.
De rechtbank stelde vast dat de lichtwerende voorzieningen in overeenstemming zijn met een goede ruimtelijke ordening en dat de ecologische onderzoeken voldoende waren om de effecten op beschermde soorten te beoordelen. Ook concludeerde de rechtbank dat de vergunningverlening voor de diverse activiteiten binnen het projectgebied correct was en dat de eerdere vergunningen terecht waren ingetrokken en vervangen.
Het beroep werd ongegrond verklaard, het griffierecht werd niet teruggegeven en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor de verkeersbrug is ongegrond verklaard.