Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
Conclusie:
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, diende meerdere asielverzoeken in Nederland in, die werden afgewezen. Verweerder stelde dat eiser zijn identiteit niet aannemelijk had gemaakt en hem had misleid door het gebruik van verschillende aliassen en tegenstrijdige verklaringen over zijn documenten. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende bewijs leverde voor zijn identiteit, mede doordat overgelegde documenten slecht leesbaar waren en geen originele brondocumenten werden getoond.
Daarnaast werden de verklaringen van eiser over problemen met de familie van zijn ex-vriendin, waaronder vrees voor eerwraak en strafrechtelijke vervolging, als ongeloofwaardig beoordeeld. De overgelegde ondersteunende documenten waren onleesbaar en boden geen inzicht in de omstandigheden. Ook waren er tegenstrijdigheden in de verklaringen over de zwangerschap van de ex-vriendin en de verblijfplaatsen van eiser.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het asielverzoek als kennelijk ongegrond heeft afgewezen op grond van misleiding over identiteit en het ontbreken van geloofwaardige asielgronden. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het asielverzoek afgewezen wegens misleiding over identiteit en ongeloofwaardigheid van verklaringen.