ECLI:NL:RBDHA:2023:21830
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep inzake proceskostenveroordeling ongegrond verklaard
Opposant had beroep ingesteld tegen een beslissing van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, maar dit beroep werd door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard omdat het belang van opposant was komen te vervallen. Opposant stelde verzet in tegen deze uitspraak, met name gericht op de toegepaste wegingsfactor bij de proceskostenveroordeling.
De rechtbank beoordeelt in deze verzetprocedure of het oordeel over de niet-ontvankelijkheid terecht was. De rechtbank verwijst naar haar eerdere lijn waarbij een wegingsfactor van 0,25 wordt gehanteerd bij niet-tijdige beroepen, terwijl opposant een factor van 0,5 wenst. De rechtbank legt uit dat de lagere wegingsfactor passend is en dat verweerder mogelijk nog niet op de hoogte was van deze nieuwe lijn.
Uiteindelijk verklaart de rechtbank het verzet ongegrond en blijft de uitspraak van 21 september 2023 in stand. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep blijft in stand zonder proceskostenveroordeling.