Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 4 september 2023 in de zaak tussen
[verzoeker] uit [woonplaats] , verzoeker
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht .
Inleiding
Procesverloop
zaken over de waardering van woningen op grond van de Wet WOZtot de categorie ‘licht’ (wegingsfactor 0,5) behoort. De rechtbank vindt het belang van een reguliere WOZ-zaak over een woning namelijk beperkter en vindt dit soort zaken ook minder ingewikkeld dan een gemiddelde bestuursrechtelijke zaak. Het belang en de ingewikkeldheid zijn de criteria die het gewicht van de zaak bepalen volgens de toelichting van het Bpb. Dat WOZ-zaken over woningen van minder gewicht zijn komt ook tot uitdrukking in de bestaande zittingsplanning van de rechtbank, waarbij op een reguliere zitting van een halve dag zeven WOZ-zaken worden behandeld, tegenover drie reguliere bestuursrechtelijke zaken.
WOZ-zaken waarin door de gemachtigde een gestandaardiseerde werkwijze wordt gebruikt, behoren tot een gewichtscategorie die een stap onder de categorie ligt die anders zou zijn gebruikt. In WOZ-zaken wordt vaak geprocedeerd door gemachtigden die gebruik maken van een gestandaardiseerde werkwijze, met een algemeen geformuleerd beroepschrift voor vrijwel iedere procedure. Omdat de vergoeding van de proceskosten evenredig moet zijn met de prestatie van de gemachtigde, geeft dat aanleiding om die gevallen van lager gewicht te achten dan zaken waarin geen gestandaardiseerde werkwijze wordt gebruikt. Dit betekent het volgende. In WOZ-zaken over de waardering van woningen (waarin als uitgangspunt de categorie ‘licht’ (wegingsfactor 0,5) wordt gehanteerd) zal de rechtbank de categorie ‘zeer licht’ (wegingsfactor 0,25) hanteren als een gestandaardiseerde werkwijze wordt gebruikt. In overige WOZ-zaken (waarin als uitgangspunt de categorie ‘gemiddeld’ (wegingsfactor 1) wordt gehanteerd) zal de rechtbank de categorie ‘licht’ (wegingsfactor 0,5) hanteren als een gestandaardiseerde werkwijze wordt gebruikt.
zaken over niet tijdig beslissen,
zaken over parkeerbelastingenen
zaken waarin het geschil alleen gaat proceskostentot de categorie ‘zeer licht’ (wegingsfactor 0,25) behoort. Dit zijn zaakstromen die eerder tot de gewichtscategorie ‘licht’ werden gerekend, maar die naar hun aard lichter van gewicht zijn dan WOZ-zaken over de waardering van woningen. Door deze aanpassing staan de gemiddelde bestuursrechtelijke zaken, de WOZ-zaken en deze drie zaakstromen wat hun gewicht betreft in een juiste verhouding tot elkaar.
0,25
0,5
1
(al dan niet belastingrecht)
gestandaardiseerde werkwijze
geen gestandaardiseerde werkwijze
gestandaardiseerde werkwijze
geen gestandaardiseerde werkwijze