ECLI:NL:RBDHA:2023:2846
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek met onbekende bestemming na asielaanvraag
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, diende op 13 december 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Bij besluit van 25 januari 2023 wees de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid deze aanvraag af als kennelijk ongegrond. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit.
Tijdens de zitting op 9 februari 2023, waarin eiser en zijn gemachtigde niet verschenen, werd vastgesteld dat eiser sinds 25 januari 2023 met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde gaf aan telefonisch contact te hebben gehad met eiser na die datum, maar er was geen bewijs dat dit contact nog voortduurde of dat eiser nog in Nederland verbleef.
De rechtbank oordeelde dat het vertrek met onbekende bestemming en het ontbreken van contact met de gemachtigde impliceert dat eiser geen prijs meer stelt op de inhoudelijke beoordeling van zijn asielaanvraag. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vertrek met onbekende bestemming en het ontbreken van contact met zijn gemachtigde.