Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 maart 2023 in de zaak tussen
[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser,
de heffingsambtenaar van de gemeente Rijswijk, verweerder
Procesverloop
mr. [naam 1] en mr. [naam 2] .
Overwegingen
7 oktober 2021 om 16.37 uur stond de auto van eiser met het kenteken [kenteken] (de auto) geparkeerd aan respectievelijk het [straatnaam 1] , de [straatnaam 2] en de [straatnaam 3] te Rijswijk. Deze locaties zijn door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijswijk aangewezen als plaatsen waar op die data en tijdstippen slechts mag worden geparkeerd door middel van een geldige parkeervergunning of tegen betaling van parkeerbelasting.
1 december 2022 het verweerschrift heeft ontvangen en het ter beoordeling van de rechtbank staat of dit stuk in het onderzoek wordt betrokken. De rechtbank is van oordeel dat eiser tijdig van het niet erg omvangrijke stuk kennis heeft kunnen nemen en niet in zijn procesbelang is geschaad.
Beslissing
mr. A.C. van Essen, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
2 maart 2023.