ECLI:NL:RBDHA:2023:3686
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens onvoldoende bewijs rekrutering PKK en inreisverbod opgelegd
Eiser, een Iraakse staatsburger uit Koerdisch gebied, vreesde rekrutering door de PKK en vroeg asiel aan in Nederland. De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat eiser niet aannemelijk maakte dat hij persoonlijk wordt gezocht door de PKK of een reëel risico loopt op ernstige schade. Tevens werd een inreisverbod van twee jaar opgelegd vanwege het niet tijdig kenbaar maken van de asielwens.
Eiser voerde onder meer aan dat het besluit onzorgvuldig tot stand kwam omdat hem geen medisch onderzoek werd aangeboden voorafgaand aan het nader gehoor. De rechtbank erkende dit zorgvuldigheidsgebrek maar passeerde het vanwege het ontbreken van aantoonbare schade voor eiser.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd dat er geen sprake is van een reëel risico op rekrutering door de PKK, mede omdat eiser als meerderjarige bijna een jaar thuis verbleef zonder benadering door de PKK en hij niet tot een risicogroep behoort. Ook de verwijzing naar een 15c-situatie werd verworpen wegens onvoldoende bewijs van willekeurig geweld in Noord-Irak.
Het beroep tegen de afwijzing en het inreisverbod werd ongegrond verklaard. Verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag en het opgelegde inreisverbod wordt ongegrond verklaard.