ECLI:NL:RBDHA:2023:4135
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet-tijdig beslissen asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van februari 2022. Nadat de staatssecretaris de aanvraag in december 2022 alsnog heeft ingewilligd, heeft de rechtbank eiser verzocht het beroep in te trekken. Eiser reageerde niet, waardoor de rechtbank het beroep als gehandhaafd beschouwde.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen geen procesbelang meer heeft nu de aanvraag is ingewilligd. Daarnaast wijst de rechtbank het beroep af voor zover eiser een bestuurlijke dwangsom vordert, omdat de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen dit uitsluit en dit niet in strijd is met Unierecht.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Omdat het beroep kon worden ingesteld wegens het niet tijdig beslissen, veroordeelt de rechtbank de staatssecretaris in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €418,50 volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard en de staatssecretaris is veroordeeld in de proceskosten.