Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.Inleiding
Het geschil in het kort: waar gaat het over?
2.De procedure
Het procesdossier
3.De feiten
4.De vordering
5.De beoordeling
Bestuurder(s) [bedrijf 1] aansprakelijk voor het faillissementstekort
nogmaals schriftelijk (kan) bevestigen dat hij([gedaagde], rechtbank)
de feitelijk bestuurder was van [bedrijf 1] BV”. Hierop heeft [naam 1], eveneens per e-mail en op dezelfde dag, gereageerd als volgt:
streetviewafbeeldingen van de woning in juli 2018) de conclusie getrokken dat deze woning recent grondig werd verbouwd. De curator stelt dat de bouwmaterialen en gereedschappen die op naam van [bedrijf 1] zijn besteld, zijn aangewend voor deze grondige verbouwing. Tenslotte wijst de curator op verplichtingen die na faillissementsdatum op naam van [bedrijf 1] zijn aangegaan, zoals de bestelling van een container die is geplaatst op de [adres 5] te [plaats 2] (om de hoek van de [adres 2]) en een container die is geplaatst op een plek in de [straatnaam], nabij het door de broer van [gedaagde] in die straat gekochte huis.
dat overigens uit de productie niet kenbaar is,
rechtbank) behoort toe aan [gedaagde]. [gedaagde] stelt dat slechts een selectie van het gesprek is weergegeven en dat daaruit slechts blijkt dat [naam 1] “bepaalde zaken” op [gedaagde] probeert af te schuiven en [gedaagde] daartegen protesteert. [gedaagde] betwist dat de WhatsApp-conversatie tussen [naam 1] en “[naam 15]” (dit is een bekende van [gedaagde]: [naam 15]), door de curator overgelegd als productie 35, iets zegt over de rol van [gedaagde] in [bedrijf 1] of anderszins belastend voor hem is.
overeenkomst(de curator spreekt in nr. 2.3 van de akte van 19 oktober 2022 ten onrechte van een
voorgestelddeskundigenonderzoek) dan ook geen betrekking. Bovendien heeft [gedaagde] waar het gaat om de door [bedrijf 1] gehuurde gereedschappen en machines, niet betwist dat hij daarvan gebruik heeft gemaakt voor de verbouwing van zijn woning, maar het in nr. 5.7.11 weergegeven verweer gevoerd.
6.De beslissing
woensdag 29 maart 2023voor uitlating door de curator of zij bewijs wil leveren door het overleggen van bewijsstukken, door het horen van getuigen en/of door een ander bewijsmiddel;
bewijsstukkenwil overleggen, zij die stukken dan direct in het geding moet brengen;
getuigenwil laten horen, zij de getuigen en de verhinderdagen van de partijen en hun advocaten in de maanden
meitot en met
augustus2023 dan direct moet opgeven, waarna dag en uur van het getuigenverhoor zullen worden bepaald;
alle partijenuiterlijk twee weken voor het eerste getuigenverhoor
alle beschikbare maar nog niet in de procedure overgelegde bewijsstukkenaan de rechtbank en de wederpartij moeten toesturen;