Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, is op 20 februari 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Tegen dit besluit is beroep ingesteld dat tevens als verzoek om schadevergoeding wordt aangemerkt. De rechtbank heeft het beroep op 13 maart 2023 behandeld.
Verweerder heeft de bewaring gemotiveerd vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht volgens de Dublinverordening en een significant risico op het ontkomen aan toezicht. Eiser heeft deze gronden niet betwist. Wel stelde eiser dat verweerder onvoldoende voortvarend was in de uitzetting, omdat het claimverzoek pas acht dagen na bewaring werd verstuurd.
De rechtbank oordeelt echter dat verweerder tijdig relevante uitzettingshandelingen heeft verricht, waaronder een vertrekgesprek drie dagen na bewaring en het claimverzoek binnen acht dagen. Na afwijzing door Spaanse autoriteiten is een heroverwegingsverzoek verstuurd, waardoor zicht op uitzetting binnen redelijke termijn aanwezig blijft.
De rechtbank stelt vast dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig is en wijst het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter S.G.M. van Veen en griffier mr. E. Mulder op 15 maart 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.