ECLI:NL:RBDHA:2023:5843
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak drugshandel en veroordeling voor bezit en vervoer harddrugs in Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde de zaak van een verdachte die tussen februari en december 2020 meerdere keren cocaïne en heroïne vervoerde en bezat. Ondanks verklaringen van getuigen die drugs van de verdachte zouden hebben gekocht, werd hij vrijgesproken van drugshandel omdat de verdediging deze getuigen niet kon ondervragen, wat het recht op een eerlijk proces schond.
De rechtbank stelde vast dat de verdachte op verschillende momenten met harddrugs op een scooter en in een auto werd aangetroffen, waarbij drugs werden weggegooid tijdens vluchtpogingen. De hoeveelheden waren geschikt voor verdere verspreiding, maar onvoldoende bewijs was voor verkoop binnen de ten laste gelegde periode.
De verdachte werd veroordeeld tot 35 dagen gevangenisstraf, met aftrek van de tijd in voorarrest, waardoor geen executie van de straf resteert. De rechtbank wees de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf af, omdat de voorlopige hechtenis langer had geduurd dan de opgelegde straf.
De uitspraak benadrukt het belang van het recht op een eerlijk proces, met name de mogelijkheid tot ondervraging van getuigen, en past de Keskin-rechtspraak toe. De strafmaat is gematigd vanwege de overschrijding van de redelijke termijn en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van drugshandel, veroordeeld tot 35 dagen gevangenisstraf voor bezit en vervoer, na aftrek voorarrest geen resterende straf.