ECLI:NL:RBDHA:2023:6140
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag verblijfsvergunning arbeid als zelfstandige wegens onvoldoende zelfstandigheid en zakelijke grondslag
Eiser, een Pakistaanse langdurig ingezetene in Italië, heeft meerdere keren een verblijfsvergunning aangevraagd onder de beperking 'arbeid als zelfstandige'. Eerdere aanvragen werden afgewezen omdat eiser niet kon aantonen dat hij duurzaam en zelfstandig voldoende middelen van bestaan verwerft en er onduidelijkheid bestond over de winstverdeling met medevennoten.
De huidige aanvraag is eveneens afgewezen omdat de door eiser overgelegde stukken, waaronder een aanvullende vennootschapsovereenkomst, niet overtuigend aantonen dat de samenwerking zakelijk is en dat de winstverdeling reëel is. De rechtbank oordeelt dat er geen nieuw gebleken feiten zijn die tot een ander besluit kunnen leiden.
Verweerder mocht afzien van het horen in bezwaar omdat redelijkerwijs geen ander standpunt te verwachten was. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag verblijfsvergunning arbeid als zelfstandige afgewezen wegens onvoldoende zelfstandigheid en twijfel aan de zakelijke grondslag.