ECLI:NL:RBDHA:2023:6523
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging kostenverhaal bestuursdwang verwijdering zeecontainer
Op 5 oktober 2020 constateerde een gemeentelijk toezichthouder dat een zeecontainer zonder vergunning op de openbare weg was geplaatst. Omdat de eigenaar destijds onbekend was, werd een last onder bestuursdwang opgelegd en de container verwijderd. Later meldde eiser zich als eigenaar en werden de kosten van verwijdering en opslag op hem verhaald.
Eiser stelde in beroep dat hij niet de eigenaar was, maar een vriend, en dat het kostenverhaal daarom onterecht op hem was gericht. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende bewijs leverde voor zijn stellingen en dat verweerder terecht de kosten op eiser heeft verhaald. De kosten werden bovendien gematigd.
De rechtbank concludeerde dat verweerder bevoegd was tot het opleggen van bestuursdwang en het verhalen van kosten, dat eiser terecht als overtreder werd aangemerkt, en dat er geen sprake was van strijd met het vertrouwensbeginsel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het kostenverhaal van bestuursdwangkosten wordt ongegrond verklaard.