Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende vreemdeling, is op 23 februari 2023 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de maatregel tot aan de eerdere uitspraak van 14 maart 2023 rechtmatig was en heeft nu beoordeeld of het voortduren van de maatregel na die datum gerechtvaardigd is. Eiser stelde dat verweerder onvoldoende voortvarend handelde, onder meer omdat een brief van eiser aan de Marokkaanse autoriteiten niet was doorgestuurd en dat er geen zicht was op uitzetting binnen een redelijke termijn.
De rechtbank oordeelt dat verweerder wel degelijk voortvarend heeft gehandeld door meerdere malen contact te zoeken met de Marokkaanse autoriteiten en vertrekgesprekken te voeren met eiser. Het niet direct doorsturen van de brief aan de autoriteiten is niet onrechtmatig omdat deze eerst met eiser besproken zou worden. Er zijn geen aanwijzingen dat de Marokkaanse autoriteiten geen laissez-passer zullen afgeven binnen de termijn van zes maanden.
De rechtbank concludeert dat het voortduren van de maatregel rechtmatig is en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen en hoeft verweerder geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.