Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft eerder getoetst dat de maatregel tot het moment van sluiting van het onderzoek rechtmatig was.
De kern van het geschil is of sinds 10 mei 2023 het voortduren van de maatregel van bewaring nog rechtmatig is, waarbij eiser aanvoert dat zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn ontbreekt omdat de bewaring bijna vier maanden duurt en de Marokkaanse autoriteiten geen laissez-passer verstrekken.
De rechtbank verwijst naar een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak en oordeelt dat er geen aanwijzingen zijn dat het zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn ontbreekt. De aanvraag voor een laissez-passer is drie maanden geleden ingediend en de staatssecretaris is afhankelijk van de Marokkaanse autoriteiten. De voortzetting van de bewaring is daarom niet onrechtmatig.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.