Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen:
[verzoeker], verzoeker,
het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
the presumption of minor age” uitlegt en toepast. In paragraaf 153-154 overweegt het EHRM als volgt:
1 Het COA zorgt ervoor dat tijdens het verblijf in de opvangvoorziening rekening wordt gehouden met de specifieke situatie van kwetsbare personen als bedoeld in artikel 21 van Pro de Opvangrichtlijn.
2 Ter uitvoering van het eerste lid beoordeelt het COA of de asielzoeker bijzondere opvangbehoeften heeft.
3 Indien de asielzoeker overeenkomstig het tweede lid bijzondere opvangbehoeften heeft, wordt naast de verstrekkingen, bedoeld in artikel 9, eerste lid, specifieke steun en begeleiding geboden.
Beslissing
- wijst het verzoek toe;
- treft de voorlopige voorziening dat verzoeker gedurende de gehele procedure als minderjarig wordt aangemerkt;
- bepaalt dat verweerder per ommegaande verzoeker in aanmerking brengt voor opvang, voorzieningen en verstrekkingen waar een minderjarige recht op heeft door uiterlijk binnen 48 uur na kennisneming van deze uitspraak een plaatsingsbesluit te nemen;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 837,-.