ECLI:NL:RBDHA:2023:7558
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken bezwaar of beroep
Verzoeker heeft een aanvraag gedaan voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit primaire besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De staatssecretaris heeft op 7 februari 2022 op het bezwaar beslist, waardoor er geen bezwaar meer aanhangig is. Ook is er geen beroep ingesteld binnen de daarvoor gestelde termijn. Hierdoor voldoet het verzoek om een voorlopige voorziening niet aan de vereisten van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De voorzieningenrechter oordeelt dat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is en wijst het af zonder proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een aanhangig bezwaar of beroep.