ECLI:NL:RBDHA:2023:8209
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediend tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Eiseres diende op 1 mei 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Na het uitblijven van een besluit stelde zij de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 9 november 2022 in gebreke en stelde vervolgens beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De Staatssecretaris had de beslistermijn van zes maanden, die op 31 oktober 2022 zou eindigen, met negen maanden verlengd op grond van het WBV 2022/22 vanwege een grote instroom van asielaanvragen. De rechtbank oordeelde dat deze verlenging rechtsgeldig was en dat de beslistermijn dus nog niet was verstreken op het moment van de ingebrekestelling.
Daarom was het beroep prematuur en voldeed het niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb. De rechtbank verklaarde het beroep kennelijk niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af.
De uitspraak werd gedaan door rechter M. Munsterman en openbaar gemaakt op 8 juni 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.