ECLI:NL:RBDHA:2023:8322

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
5 juni 2023
Publicatiedatum
9 juni 2023
Zaaknummer
NL22.24988
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening wijziging verblijfsvergunning niet-tijdelijke humanitaire gronden

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend tot wijziging van de beperking van zijn verblijfsvergunning naar het verblijfsdoel 'niet-tijdelijke humanitaire gronden'. Deze aanvraag is op 5 januari 2022 afgewezen door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Vervolgens is het bezwaar tegen deze afwijzing op 15 november 2022 ongegrond verklaard.

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan.

De rechtbank heeft eerder op 15 mei 2023 het beroep in de bodemzaak ongegrond verklaard. Gezien deze uitspraak wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de wijziging van de verblijfsvergunning is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.24988

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[Naam], verzoeker

v-nummer: [Nummer]
(gemachtigde: mr. M.S. Yap),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 5 januari 2022 (primaire besluit) heeft verweerder verzoekers aanvraag tot
wijziging van beperking van de verblijfsvergunning in het verblijfsdoel ‘niet-tijdelijke
humanitaire gronden’ afgewezen.
Bij besluit van 15 november 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar
hiertegen ongegrond verklaard.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 15 mei 2023 heeft de rechtbank het beroep in de bodemzaak, met zaaknummer NL22.24987, ongegrond verklaard.
2. De voorzieningenrechter zal daarom het verzoek om een voorlopige voorziening afwijzen.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.C. Spruijt, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.