ECLI:NL:RBDHA:2023:8499
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid asielaanvraag wegens eerdere bescherming in Italië bevestigd
Eiser, van Somalische nationaliteit, diende op 27 maart 2023 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris verklaarde deze aanvraag niet-ontvankelijk op grond van artikel 30a Vreemdelingenwet 2000, omdat Italië reeds internationale bescherming aan eiser heeft verleend. Eiser betwistte dit en voerde aan dat de verblijfsvergunning in Italië was verlopen en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer van toepassing zou zijn vanwege recente jurisprudentie en zijn kwetsbare medische situatie.
De rechtbank oordeelde dat uit de stukken en een verklaring van de Italiaanse autoriteiten blijkt dat eiser nog steeds subsidiaire bescherming geniet in Italië. Het verlopen van de verblijfsvergunning betekent niet dat de status is beëindigd. Daarnaast blijft het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van statushouders in Italië van toepassing, mede gelet op jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Hoewel eiser medische problemen heeft, acht de rechtbank hem niet ‘bijzonder kwetsbaar’ in de zin van het arrest Ibrahim, omdat hij onvoldoende heeft aangetoond dat noodzakelijke medische zorg in Italië niet beschikbaar is. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag wegens eerdere bescherming in Italië.