ECLI:NL:RBDHA:2023:8787
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling ongegrond verklaard
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen het voortduren van de maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betoogde onder meer dat de maatregel niet langer proportioneel was en dat verweerder onvoldoende voortvarend handelde bij het uitzettingsproces.
De rechtbank stelde vast dat de maatregel reeds eerder was getoetst en rechtmatig werd bevonden tot het sluiten van het onderzoek op 26 april 2023. Sindsdien had verweerder meerdere pogingen ondernomen om de aanvraag van een laissez-passer bij de Marokkaanse autoriteiten te bespoedigen en had een vertrekgesprek met eiser plaatsgevonden. Eiser werkte niet mee aan zijn vertrekplicht en ondernam geen pogingen om contact met de autoriteiten te leggen.
De rechtbank oordeelde dat de belangenafweging geen aanleiding gaf de maatregel op te heffen en dat het voortduren van de bewaring niet onrechtmatig was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.