ECLI:NL:RBDHA:2023:9274
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag door verlenging beslistermijn
Eiser diende op 3 juni 2022 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel in. De staatssecretaris verlengde de wettelijke beslistermijn van zes maanden met negen maanden vanwege een groot aantal gelijktijdige aanvragen, conform artikel 42, vierde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 en de inwerkingtreding van het WBV 2022/22.
Eiser stelde de staatssecretaris op 2 januari 2023 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen en diende op 17 januari 2023 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling prematuur was omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken en het beroep daarom niet voldoet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak (ECLI:NL:RBDHA:2023:6050) waarin de verlenging van de beslistermijn als rechtsgeldig is beoordeeld. Gezien deze omstandigheden verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een rechtsgeldige verlenging van de beslistermijn.