Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen de maatregel van bewaring die op grond van de Vreemdelingenwet 2000 was opgelegd. De bewaring was inmiddels opgeheven, zodat de beoordeling zich beperkte tot de vraag of de tenuitvoerlegging van de bewaring onrechtmatig was geweest en of schadevergoeding toekwam.
De rechtbank oordeelt dat de identiteit van eiser niet eerder voldoende was vastgesteld om ophouding op grond van artikel 50, tweede lid, Vw 2000 onrechtmatig te achten. Ook is geoordeeld dat het onderliggende terugkeerbesluit, hoewel formeel niet volledig, voldoende duidelijkheid bood over het land van terugkeer, mede gelet op eerdere procedures.
Hoewel verweerder niet schriftelijk en in begrijpelijke taal heeft voldaan aan de informatieplicht over de rechten van eiser bij oplegging van de bewaring, weegt dit gebrek niet zwaarder dan de belangen die met de bewaring zijn gediend. Eiser was mondeling geïnformeerd en had tijdig toegang tot rechtsbijstand. Tevens werd het strafrechtelijk vonnis snel ten uitvoer gelegd.
De rechtbank concludeert dat de toepassing van de maatregel niet onrechtmatig was en verklaart het beroep ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.