ECLI:NL:RBDHA:2023:967

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 januari 2023
Publicatiedatum
2 februari 2023
Zaaknummer
NL22.23418 en NL22.23640
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening in zaak over overdracht asielaanvraag aan Italië

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling. Dit betrof een overdrachtsbesluit. Nadat het eerste besluit werd ingetrokken, werd een tweede vergelijkbaar besluit genomen, waartegen ook beroep is ingesteld.

De voorzieningenrechter heeft besloten het onderzoek ter zitting achterwege te laten op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Bij uitspraak van 12 januari 2023 heeft de rechtbank de beroepen ongegrond verklaard, waardoor de verzoeken om voorlopige voorziening werden afgewezen.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter J.F.I. Sinack en griffier S.C. Spruijt en is geanonimiseerd gepubliceerd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen en overdracht van de asielaanvraag aan Italië zijn afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht
zaaknummers: NL22.23418 en NL22.23640
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoeker
v-nummer: [Nummer]
(gemachtigde: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos), en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 15 november 2022 (het bestreden besluit 1) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op de grond dat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Het bestreden besluit is tevens een overdrachtsbesluit.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit 1 beroep ingesteld. Tevens heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Op 18 november 2022 heeft verweerder het bestreden besluit 1 ingetrokken en een nieuw besluit aan verzoeker bekendgemaakt (het bestreden besluit 2), waarbij andermaal is besloten om de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling te nemen en om hem over te dragen aan Italië.
Tegen het bestreden besluit 2 heeft verzoeker afzonderlijk beroep ingesteld (NL22.23639) en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen (NL22.23640).
De voorzieningenrechter heeft ten aanzien van beide verzoeken om voorlopige voorziening bepaald dat het onderzoek ter zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb1 achterwege blijft.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 12 januari 2023 heeft de rechtbank de beroepen (NL22.23417 en NL22.23639) waarop beide verzoeken om voorlopige voorziening betrekking hebben, ongegrond verklaard. Om die reden worden de verzoeken afgewezen.
1. Algemene wet bestuursrecht.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.C. Spruijt, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:

Documentcode: DSR24324828

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.