Eiser heeft op 3 oktober 2022 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag, die op 22 februari 2022 was ingediend. De wettelijke beslistermijn van zes maanden was verstreken zonder dat verweerder een besluit had genomen. Eiser stelde verweerder op 24 augustus 2022 rechtsgeldig in gebreke, waarna het beroep werd ingesteld.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is en vernietigt het met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit. Verweerder wordt opgedragen binnen acht weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag dat verweerder in gebreke blijft, met een maximum van €7.500.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €418,50 conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 2 februari 2023.