ECLI:NL:RBDHA:2024:10203
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis asiel
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis asiel. Nadat verweerder alsnog een besluit nam, trok verzoekster haar beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:54 Awb Pro en het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) proceskosten kunnen worden toegekend wanneer het bestuursorgaan alsnog aan de indiener tegemoetkomt. De rechtbank stelt de proceskosten vast op € 437,50, gebaseerd op een puntensysteem en een wegingsfactor van 0,5.
Daarnaast moet verweerder het betaalde griffierecht vergoeden. Partijen worden niet uitgenodigd voor een zitting omdat dat niet noodzakelijk is. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster.
De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en bekendgemaakt op 26 februari 2024.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot betaling van proceskosten van € 437,50 aan verzoekster.