ECLI:NL:RBDHA:2024:10282
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op tijdelijke bescherming op grond van Richtlijn Tijdelijke Bescherming wegens terugkeer naar land van herkomst
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, heeft tijdelijke bescherming genoten op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming. Na terugkeer naar Marokko in de periode juli-augustus 2023, heeft verweerder per 1 november 2023 besloten dat eiser niet langer in aanmerking komt voor tijdelijke bescherming. Eiser voerde aan dat hij als echtgenoot van een Oekraïense staatsburger recht heeft op bescherming en dat verweerder ten onrechte geen hoorplicht heeft toegepast.
De rechtbank oordeelt dat eiser niet onder de Richtlijn valt omdat hij na 23 februari 2022 is teruggekeerd naar zijn land van herkomst en niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij op het moment van het uitbreken van het conflict samenwoonde met zijn Oekraïense echtgenote. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt wegens onvoldoende onderbouwing en gebrek aan vergelijkbaarheid.
Verder is de stelling van eiser dat de hoorplicht is geschonden verworpen. De rechtbank achtte het niet noodzakelijk om eiser te horen in bezwaar omdat de gronden van bezwaar geen ander besluit konden rechtvaardigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat hij niet onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming valt wegens terugkeer naar zijn land van herkomst en onvoldoende bewijs van samenwoning met Oekraïense partner.