Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Somalische nationaliteit dragende vreemdeling, heeft tweemaal asiel aangevraagd in Nederland, welke aanvragen zijn afgewezen en waartegen hoger beroep niet-ontvankelijk is verklaard. Tegen het terugkeerbesluit van 17 maart 2022, waarin hij werd bevolen Nederland binnen 28 dagen te verlaten, is beroep ingesteld.
Eiser vreesde bij gedwongen terugkeer naar Somalië voor zijn leven vanwege mogelijke gedwongen rekrutering door een bepaalde groep in zijn woonplaats. De rechtbank stelt echter vast dat eiser ten tijde van het terugkeerbesluit geen rechtmatig verblijf in Nederland had en dat de vrees voor terugkeer een asielgerelateerd element is dat reeds in eerdere procedures is beoordeeld.
De rechtbank oordeelt dat het terugkeerbesluit een administratieve vaststelling is van het onrechtmatig verblijf en de vertrekplicht op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Het enkele feit dat eiser meent dat zijn asielaanvraag onterecht is afgewezen, maakt het terugkeerbesluit niet onrechtmatig of strijdig met het EVRM. Het beroep wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en afgewezen.