Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen de maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie op grond van artikel 59b van de Vreemdelingenwet. Eiser, met de Senegalese nationaliteit, werd op 20 juni 2024 in bewaring gesteld wegens een redelijk vermoeden van illegaal verblijf, gebaseerd op een melding van een wijkagent en systeemcontroles.
Eiser voerde aan dat de staandehouding onrechtmatig was, dat hij langer dan 24 uur in een politiecel verbleef en dat de maatregel onvoldoende gemotiveerd was, onder meer vanwege zijn medische situatie (hiv-besmetting). De rechtbank oordeelde dat het redelijk vermoeden van illegaal verblijf voldoende was en dat de staandehouding en detentie in de politiecel binnen de toegestane termijn van 24 uur plaatsvonden.
De rechtbank stelde vast dat de zware en lichte gronden voor bewaring, waaronder het ontbreken van een paspoort bij inreis en het niet naleven van vreemdelingenverplichtingen, voldoende waren gemotiveerd en niet betwist. De medische situatie van eiser was geen reden voor een lichter middel, omdat adequate zorg in detentie werd aangenomen.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel rechtmatig was, het beroep ongegrond en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Verweerder hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.