Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft op 19 maart 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 28 augustus 2022. Tijdens de procedure heeft de minister van Asiel en Migratie op 30 juni 2024 de asielaanvraag ingewilligd. Hierdoor is het beroep tegen het niet tijdig beslissen feitelijk komen te vervallen, waardoor de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaart op grond van artikel 6:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank oordeelt dat eiser terecht beroep heeft ingesteld vanwege het niet tijdig beslissen en veroordeelt de minister daarom in de proceskosten van eiser. De proceskosten worden vastgesteld op € 437,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht en een lichte wegingsfactor omdat het beroep uitsluitend ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.
De uitspraak is gedaan door rechter J.F.I. Sinack en griffier R. de Mul en is gepubliceerd zonder zitting. Partijen wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen wordt niet-ontvankelijk verklaard en de minister wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 437,50.