Uitspraak
[verzoekster] , v-nummer: [nummer] , verzoekster,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Bahaddar. [7]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Verzoekers, samen met hun minderjarige kinderen, hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van de staatssecretaris om hun uitzetting naar Frankrijk niet uit te stellen. De staatssecretaris baseerde dit besluit op het ontbreken van nieuwe relevante elementen in de herhaalde asielaanvragen, die volgens hem louter bedoeld waren om de uitzetting te vertragen.
Verzoekers stelden dat zij door wisseling van gemachtigden, medische omstandigheden en het wachten op informatie niet eerder konden aanvragen en overlegden een brief van een GGZ psychiater met diagnoses volgens DSM-5. Ook verwezen zij naar een rapport van Defence for Children waarin de belangen van de kinderen voor voortzetting van behandeling en nabijheid van familie werden onderbouwd.
De staatssecretaris voerde aan dat medische en psychische omstandigheden niet relevant zijn voor de beoordeling en dat de brief geen nieuwe elementen bevatte. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat de nieuwe medische rapporten wel degelijk relevant zijn en dat verzoekers gemotiveerde redenen hebben gegeven voor het tijdstip van de aanvraag.
Daarom is voorlopig geoordeeld dat het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft en is het verzoek om schorsing van de uitzetting toegewezen. Verzoekers mogen niet worden uitgezet zolang op het bezwaar niet definitief is beslist. Tevens is de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: De uitzetting van verzoekers naar Frankrijk wordt geschorst totdat op het bezwaar is beslist.