ECLI:NL:RBDHA:2024:11290
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige tenuitvoerlegging bewaring in PI Vught wegens contact met strafrechtelijk gedetineerden
Eiser werd op 24 april 2024 de maatregel van bewaring opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij werd geplaatst in de afdeling Beheers Problematische Gedetineerden (BPG) van de PI Vught. Eiser stelde dat deze plaatsing in strijd was met artikel 16 van Pro de Terugkeerrichtlijn, omdat de PI Vught geen speciale inrichting voor vreemdelingenbewaring is en hij in contact kwam met strafrechtelijk gedetineerden.
De minister verdedigde dat de BPG-afdeling een individueel regime kent en daarmee als speciale inrichting kan worden aangemerkt. De rechtbank stelde echter vast dat eiser wel degelijk contact had met strafrechtelijk gedetineerden, wat strijdig is met de vereisten van het Europese Hof van Justitie in het arrest K. / Landkreis Gifhorn. Dit maakte de tenuitvoerlegging van de maatregel onrechtmatig vanaf 30 mei 2024.
De rechtbank kende eiser een schadevergoeding toe van €1.400,- voor 14 dagen onrechtmatige vrijheidsontneming en veroordeelde de minister tot betaling van proceskosten van €2.187,50. Het beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak is onherroepelijk.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en kent een schadevergoeding toe wegens onrechtmatige tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring in de PI Vught.