ECLI:NL:RBDHA:2024:11374
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. De rechtbank heeft het beroep op 27 juni 2024 behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen.
De rechtbank overweegt dat de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten opzichte van Kroatië, mede gelet op recente jurisprudentie van het Hof van Justitie en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Kroatië niet voldoet aan zijn verdragsverplichtingen of dat hij persoonlijk een reëel risico loopt op onmenselijke behandeling, zoals pushbacks.
Ook het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening, dat de minister de mogelijkheid geeft een asielaanvraag onverplicht aan zich te trekken bij bijzondere omstandigheden, wordt verworpen omdat eiser geen bijzondere individuele omstandigheden heeft aangevoerd. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft het besluit van de minister.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.