ECLI:NL:RBDHA:2024:1141
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing mvv-aanvraag wegens niet voldoen aan middelenvereiste ondanks bijzondere omstandigheden
Eiseres, van Azerbeidzjaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om de aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) af te wijzen. De aanvraag was gedaan door haar echtgenoot (referent) die in Nederland verblijft en een uitkering ontvangt. De staatssecretaris oordeelde dat het middelenvereiste niet werd voldaan omdat het inkomen van referent niet zelfstandig is en hij niet onder een vrijstellingsgrond valt.
Eiseres voerde aan dat referent als zelfstandige voldoende middelen had en verwees naar het arrest Brey van het Hof van Justitie, maar de rechtbank oordeelde dat dit arrest niet van toepassing is omdat referent geen EU-burger is. Ook het beroep op het Turks Associatierecht en de standstill-bepaling faalde omdat referent niet als werknemer of zelfstandige in Nederland werkzaam was.
De rechtbank stelde vast dat de bijzondere omstandigheden, zoals de ziekte en niertransplantatie van referent, weliswaar schrijnend zijn, maar dat deze al in het beleid zijn meegenomen en geen aanleiding geven tot afwijking van het middelenvereiste. De hoorplicht was niet geschonden omdat de aangevoerde feiten al bekend waren en onvoldoende onderbouwd werden. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard omdat het middelenvereiste niet is voldaan en geen vrijstelling van toepassing is.