Uitspraak
[eiseres], v-nummers: [nummer] en [nummer] , eisers
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om hun asielaanvragen buiten behandeling te stellen op grond van artikel 30c van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft het beroep samen met het verzoek om een voorlopige voorziening op 25 januari 2024 behandeld, waarbij eisers en hun gemachtigde zich voorafgaand aan de zitting hebben afgemeld.
De rechtbank heeft telefonisch contact gehad met de gemachtigde, die aangaf niet te weten of eisers nog in Nederland verblijven en waar zij zich bevinden. Dit leidde tot de conclusie dat eisers kennelijk geen prijs meer stellen op de aanvankelijk verzochte internationale bescherming. Hierdoor ontbreekt het procesbelang dat nodig is voor ontvankelijkheid van het beroep.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang doordat eisers met onbekende bestemming zijn vertrokken.