ECLI:NL:RBDHA:2024:12055
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduur bewaring vreemdeling wegens rechtmatigheid en voortvarendheid
De staatssecretaris heeft op 18 maart 2024 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel is eerder getoetst en toen als rechtmatig beoordeeld. Inmiddels is een lange periode verstreken zonder dat beroep is ingesteld tegen het voortduren van de maatregel.
De rechtbank toetst nu ambtshalve of de maatregel nog voldoet aan de eisen van het Unierecht, mede naar aanleiding van een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie. De staatssecretaris heeft de voortduring van de maatregel kenbaar gemaakt en een voortgangsrapportage overgelegd, waarop eiser heeft gereageerd.
De rechtbank constateert dat het onderzoek bij de Marokkaanse autoriteiten loopt en dat de staatssecretaris regelmatig rappelleert. Eiser heeft niet voldoende meegewerkt aan het verkrijgen van benodigde documenten voor uitzetting. Het standpunt van eiser dat nader onderzoek bij Italiaanse autoriteiten nodig is, wordt verworpen.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris voldoende voortvarend handelt en dat er geen reden is om de rechtmatigheid van de maatregel in twijfel te trekken. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortduur van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard omdat de maatregel nog rechtmatig is en de staatssecretaris voldoende voortvarend handelt.