ECLI:NL:RBDHA:2024:12079

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 juli 2024
Publicatiedatum
2 augustus 2024
Zaaknummer
NL23.13655
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak met proceskostenveroordeling minister

Verzoeker, van Eritrese nationaliteit, had een aanvraag tot verlenging van een verblijfsvergunning asiel afgewezen zien worden door de minister van Asiel en Migratie. Tegen dit besluit stelde verzoeker beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 27 juni 2024 samen met een gerelateerde zaak. De rechtbank had het beroep gegrond verklaard, maar de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand gelaten. Hierdoor zag de voorzieningenrechter geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen en wees het verzoek af.

Wel veroordeelde de voorzieningenrechter de minister in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 875,00, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De uitspraak is op 19 juli 2024 in het openbaar uitgesproken en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de minister wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoeker.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.13655
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker, V-nummer: [V-nummer] , (gemachtigde: mr. K. Benchaïb),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (de minister),
(gemachtigde: mr. E. Sweerts).

Procesverloop

Bij besluit van 4 mei 2023 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL23.13654, op 27 juni 2024 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde.
Tevens is een tolk verschenen. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Verzoeker stelt van Eritrese nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] 2005.
2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.13654, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep gegrond verklaard maar de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand gelaten. Er bestaat daarom geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Gelet op de uitkomst van de bodemzaak veroordeelt de voorzieningenrechter de minister wel in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een
derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 875,00 (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 875,- en een wegingsfactor 1).

Beslissing

De voorzieningenrechter:
  • wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
  • veroordeelt de minister in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 875,00.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Skerka, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van
Z.P. de Wilde, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
19 juli 2024

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.