ECLI:NL:RBDHA:2024:12285
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag wegens prematuur ingediend
Eiser diende op 11 oktober 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Nederland werd op 23 december 2022 verantwoordelijk voor de behandeling van de aanvraag volgens de Dublinverordening. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou daarom op 23 juni 2023 eindigen.
De minister verlengde echter de beslistermijn met negen maanden door de inwerkingtreding van het WBV 2022/22, wat door de rechtbank in een eerdere uitspraak als rechtsgeldig werd beoordeeld. Hierdoor was de ingebrekestelling van eiser op 15 januari 2024 prematuur.
Eiser stelde op 1 februari 2024 beroep in tegen het niet tijdig beslissen, maar omdat niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb werd voldaan, verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.