ECLI:NL:RBDHA:2024:1246
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Roemenië verantwoordelijk zou zijn voor de aanvraag op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeelt of Nederland terecht het interstatelijk vertrouwensbeginsel toepast, dat inhoudt dat lidstaten mogen vertrouwen op de correcte behandeling van asielaanvragen door andere lidstaten. Eiseres betoogt dat zij in Roemenië geen deugdelijke behandeling heeft gehad, onder meer vanwege een niet doorgezet gehoor, slechte opvangomstandigheden, ontvoering en discriminatie. Zij overlegt onder meer foto's en delen van haar gehoorverslagen ter onderbouwing.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet kan worden toegepast. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft recent bevestigd dat er geen aanwijzingen zijn voor pushbacks in Roemenië. De klachten van eiseres over de behandeling en opvang zijn onvoldoende onderbouwd en de Roemeense autoriteiten hebben adequaat opgetreden bij de ontvoering. Ook is het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening wegens onevenredige hardheid niet geslaagd.
De rechtbank stelt vast dat de staatssecretaris het besluit voldoende heeft gemotiveerd en dat het beroep ongegrond is. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet in behandeling nemen van haar asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.