Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 9 februari 2023 een asielaanvraag in. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 9 augustus 2023 eindigen. Met de inwerkingtreding van de WBV 2023/3 is deze termijn met negen maanden verlengd tot 9 mei 2024. De rechtbank heeft in eerdere uitspraken geoordeeld dat deze verlenging rechtsgeldig is vanwege de situatie zoals bedoeld in artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet.
Eiser stelde op 14 augustus 2023 een ingebrekestelling op, maar aangezien de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken, was deze ingebrekestelling prematuur. Op grond van artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan een beroepschrift pas worden ingediend nadat het bestuursorgaan in gebreke is gesteld en twee weken zijn verstreken. Hierdoor is het beroep van eiser niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 12 augustus 2024 door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.