ECLI:NL:RBDHA:2024:13181
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroeg ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiseres heeft een beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Zij stelde dat verweerder niet tijdig had beslist en dat de verlenging van de beslistermijn op grond van WBV 2023/3 niet geldig was. De rechtbank heeft partijen laten weten dat een zitting niet nodig was en sloot het onderzoek zonder zitting.
De rechtbank overweegt dat volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een ingebrekestelling moet worden gedaan voordat beroep kan worden ingesteld tegen het niet tijdig beslissen. Sinds 1 januari 2023 is de beslistermijn voor asielaanvragen verlengd met negen maanden op grond van WBV 2023/3. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is vastgesteld dat de verlenging rechtsgeldig is toegepast.
Omdat eiseres haar aanvraag op 13 november 2023 heeft ingediend, geldt de verlengde beslistermijn tot 13 februari 2025. Haar ingebrekestelling van 8 mei 2024 is daarmee te vroeg. Hierdoor voldoet zij niet aan de voorwaarden voor ontvankelijkheid van het beroep. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroeg ingediende ingebrekestelling.