ECLI:NL:RBDHA:2024:13291
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht asielzoeker aan Duitsland op grond van Dublinverordening
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Verzoeker verzocht tevens om een voorlopige voorziening om overdracht aan Duitsland te voorkomen totdat op het beroep is beslist.
De voorzieningenrechter heeft op 20 augustus 2024 de zaak behandeld en geoordeeld dat het belang van verzoeker om in Nederland op het beroep te wachten zwaarder weegt dan het belang van de minister om verzoeker eerder over te dragen. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en is het bestreden besluit geschorst. De uiterste overdrachtstermijn van 26 september 2024 wordt hierdoor gestuit.
Daarnaast is de minister veroordeeld in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op €1.750,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: De overdracht van verzoeker aan Duitsland wordt geschorst totdat op het beroep is beslist, met veroordeling van de minister in de proceskosten.