ECLI:NL:RBDHA:2024:13310
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen bestuurlijke boete Participatiewet niet-ontvankelijk wegens te late indiening
Eiser en zijn partner ontvingen een bijstandsuitkering en kregen een bestuurlijke boete opgelegd wegens het niet juist melden van gewerkte uren als chauffeur. Eiser diende een bezwaarschrift in dat volgens verweerder te laat was ontvangen. Eiser stelde dat het bezwaarschrift tijdig was verzonden via Falkpost, maar verweerder ontkende dit.
De rechtbank beoordeelde of het bezwaar tijdig was ingediend. De bezwaartermijn van zes weken liep tot 20 mei 2022. Het bezwaarschrift werd echter pas op 27 mei 2022 ontvangen. Eiser kon niet aannemelijk maken dat het bezwaarschrift vóór het einde van de termijn daadwerkelijk aan Falkpost was aangeboden. De interne registratie en verklaringen over de werkwijze van Falkpost boden onvoldoende bewijs.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar te laat was ingediend en dat er geen verontschuldigbare redenen waren voor de termijnoverschrijding. Daarom was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard, bleef het bestreden besluit in stand en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de bestuurlijke boete is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verschoonbare reden.