ECLI:NL:RBDHA:2024:13433
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep niet tijdig griffierecht voldaan
Opposante diende op 7 februari 2024 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op een aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De rechtbank verklaarde het beroep op 7 juni 2024 niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig voldoen van het griffierecht.
Tegen deze uitspraak stelde opposante verzet in. Uit het onderzoek bleek dat de rechtbank opposante abusievelijk een termijn van vier weken gaf in plaats van twee weken om het griffierecht te voldoen. Opposante betaalde het griffierecht op 7 juni 2024, binnen deze verlengde termijn.
De rechtbank oordeelt dat het beroep dus ontvankelijk is en dat de eerdere uitspraak van 7 juni 2024 vervalt. Het onderzoek wordt hervat in de stand van voor die uitspraak. Tevens veroordeelt de rechtbank de geopposeerde in de proceskosten van opposante van € 437,50.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de eerdere niet-ontvankelijkverklaring wordt vernietigd.