ECLI:NL:RBDHA:2024:13736
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M.C. Kleijberg
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel bewaring wegens niet tijdige vervolgkennisgeving door minister
De minister heeft op 29 april 2024 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel werd eerder door de rechtbank getoetst en geacht rechtmatig te zijn tot het sluiten van het onderzoek dat leidde tot de uitspraak van 24 mei 2024. Eiser stelde dat de minister naliet een vervolgkennisgeving te versturen binnen 75 dagen na het sluiten van dat onderzoek, waardoor de voortduring van de maatregel onrechtmatig werd.
De minister betoogde dat de termijn pas moest worden berekend vanaf de uitspraak van 18 juni 2024, waarin het vervolgberoep niet-ontvankelijk werd verklaard, en dat de rechtbank ambtshalve de maatregel had kunnen toetsen. De rechtbank oordeelde dat de minister wel degelijk tijdig een vervolgkennisgeving had moeten sturen, uitgaande van 17 mei 2024 als peildatum, en dat het nalaten hiervan leidde tot onrechtmatigheid van de bewaring vanaf 16 augustus 2024.
De rechtbank wees het beroep van eiser toe, beval de opheffing van de maatregel per 21 augustus 2024 en kende een schadevergoeding toe van €500,- voor 20 dagen onrechtmatige vrijheidsontneming. Tevens veroordeelde de rechtbank de minister in de proceskosten van €1.750,-. De uitspraak is definitief en niet meer aan te vechten.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven per 21 augustus 2024 wegens het niet tijdig versturen van een vervolgkennisgeving door de minister.