ECLI:NL:RBDHA:2024:1440
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
De rechtbank Den Haag heeft op 9 februari 2024 uitspraak gedaan in een zaak waarin eiser beroep instelde tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen. De staatssecretaris had dit besluit genomen op grond van de Dublinverordening, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege ernstige structurele tekortkomingen in de Duitse asielprocedure, waaronder het ontbreken van gratis rechtsbijstand en het risico op onrechtmatige detentie en uitzetting. De rechtbank oordeelde echter dat deze argumenten onvoldoende zijn onderbouwd en dat Duitsland zich houdt aan de relevante Europese richtlijnen.
De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris terecht heeft besloten de aanvraag niet in behandeling te nemen en dat eiser geen bijzondere omstandigheden heeft aangevoerd die een uitzondering op de Dublinverordening rechtvaardigen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit bleef in stand. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.