ECLI:NL:RBDHA:2024:1449
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser, een asielzoeker van Azerbeidzjaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Roemenië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank heeft onderzocht of het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Roemenië kan worden betwist vanwege vermeende slechte opvangomstandigheden en pushbacks. Eiser verwees naar rapporten en eerdere uitspraken, maar slaagde er niet in aannemelijk te maken dat hij bij overdracht aan Roemenië een reëel risico loopt op een met artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro strijdige behandeling.
De rechtbank volgt de recente rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die bevestigt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en dat de enkele omstandigheid van pushbacks onvoldoende is om overdracht te weigeren.
Ook het beroep op artikel 17 Dublinverordening Pro wegens onevenredige hardheid wordt verworpen, omdat geen bijzondere individuele omstandigheden zijn aangetoond. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.