Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,2. [gedaagde 2] ,
1.De procedure
2.De feiten
,
Rechtbank Den Haag
De eigenaar van een appartement in Den Haag, die sinds 2005 in het buitenland woont, vordert beëindiging van de huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik. Hij wil terugkeren naar Nederland met zijn gezin vanwege de verslechterde veiligheidssituatie in Pakistan en de studiewensen van zijn kinderen.
De huurder, tevens makelaar, huurt het appartement sinds 2013 en betwist het dringend eigen gebruik en de beschikbaarheid van passende woonruimte. Ook voert hij aan dat hij vanwege ziekte en investeringen in de woning bescherming verdient.
De kantonrechter oordeelt dat de verhuurder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij het appartement dringend nodig heeft en dat passende woonruimte voor de huurder beschikbaar is in hetzelfde complex. Belangenafweging leidt tot toewijzing van de vordering met een einddatum van 1 maart 2025. De huurder krijgt een verhuiskostenvergoeding van €7.428 en wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van proceskosten.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt beëindigd per 1 maart 2025 wegens dringend eigen gebruik en de huurder moet ontruimen met een verhuiskostenvergoeding van €7.428.